Hans Obbink leent een unieke collectie Citroën modellen op schaal uit aan het Openbaar Vervoer & Speelgoed Museum in Doetinchem. Foto: Josée Gruwel
Hans Obbink leent een unieke collectie Citroën modellen op schaal uit aan het Openbaar Vervoer & Speelgoed Museum in Doetinchem. Foto: Josée Gruwel

Zo’n zestig originele miniatuur auto’s in museum

‘Het allermooiste is om de auto’s te restaureren’

Door Josée Gruwel

DOETINCHEM – Het Openbaar Vervoer & Speelgoed Museum (OV&SM) in Doetinchem mag de deur weer openen. Er is een expositie te zien van originele miniatuur auto’s. Het zijn exacte kopieën van auto’s die voor de Tweede Wereldoorlog werden gemaakt. De getoonde modellen, schaal 1:10 en 1:15, komen uit de verzameling van Hans Obbink.

De expositie bevat zo’n zestig op schaal gemaakte miniatuur vervoermiddelen: personenauto’s, vrachtwagens en raceauto’s. De meeste zijn van het merk Citroën. Op het plaatwerk aan de onderkant van de Citroëns staat bij een aantal hiervan een stempel met de naam André Citroën. Als zoon van een Amsterdamse diamantair die naar Parijs verhuisde, begon hij in Frankrijk in 1919 met het autobedrijf Citroën.

Terwijl Henry Ford in Amerika als eerste auto’s vervaardigde met behulp van een lopende band, nam Citroën dit idee over en had in 1919 hiervan de primeur voor Europa. Vanaf toen konden Citroëns in series en in grote getale gemaakt worden. De eerste auto die van de band rolde, Type A Torpedo, was al snel een succes. Dat gold zeker ook voor de Citroën Traction Avant, een innovatieve auto – met voor het eerst voorwielaandrijving – die vanaf 1934 op de markt kwam.

Wie in die tijd een Citroën kocht, kreeg voor zijn zoontje een modelauto cadeau. Een speelgoedauto die zelf kan rijden door hem op te winden door middel van een sleuteltje.

Evenals het idee van de lopende band, kwam ook het idee van het fabriceren van deze miniatuur auto uit Amerika. Terwijl in Amerika in 1919 de eerste modelauto tot stand kwam met behulp van een metalen legering in een gietvorm, maakte Citroën en andere Europese merken hun modelauto’s voornamelijk uit blik.

Verzamelen
Hans Obbink werd gefascineerd door de blikken modelauto’s. “Ik ging in 1999 met pensioen en begon met schilderen en met treintjes verzamelen. Twee mooie hobby’s. Maar uiteindelijk kwam ik – als fervent autoliefhebber – enkele jaren geleden uit bij de modelauto’s. Specifiek die van voor de oorlog trekken me, modellen van 1925 tot 1935. Het mooie daarvan is de authenticiteit en de diversiteit. Niet alleen het verzamelen vind ik leuk, maar vooral het opknappen van beschadigde exemplaren. Het zelf restaureren is een fantastisch leuke bezigheid.”

Elke dag kijkt Obbink op zijn iPad wel even of er ergens op de wereld nog een miniatuur voor een redelijke prijs te scoren is. De fabrikanten die hij dan tegenkomt zijn bijvoorbeeld Tipp & Company, Mettoy, Renault, Lehmann, Marx en Citroën. Bij het uitzoeken kijkt hij niet naar een specifiek merk, maar naar de staat waarin het aangeboden exemplaar verkeert. “Modellen waar veel aan op te knappen is, trekken me aan. Dat zijn de barrels. Soms zijn die het niveau van de prullenbak nog niet waard.”

Restaureren
De kunst is om de auto’s die opgeknapt moeten worden in de originele stijl terug te brengen. Dat is Obbinks passie. “Het is geduldwerk. Daarnaast moet je van prutsen houden, en van denken over oplossingen.” Sommige onderdelen, zoals een bumper, een spatbord of een kofferbak kan hij zelf maken. Blik dat hij nodig heeft knipt hij uit een plaat, maar het kan ook maar zo uit een sardien- of een hamblikje zijn. Voor onderdelen die hij zelf niet kan maken, zoals een deurtje of een stuurtje, neemt hij contact op met een onderdeelverzamelaar in Parijs. “Via hem kan ik er dan meestal wel aan komen.”

In de ruimte waar Obbink’s werktafel staat, ligt allerlei gereedschap. Ook voor uitdeuken en verven. “Verven in de authentieke kleuren. Dat betekent mengen, net zolang tot je de exacte kleur hebt.”

In die werkruimte staan ook Obbink’s lievelingsauto’s: Type B2 Torpedo van Citroën, een vierzits, en de 5HP Citroën, dezelfde auto in een tweezits. “Aan de eerste heb ik het meeste plezier beleefd bij het restaureren en aan de tweede heb ik de meeste tijd besteed.”

Fun
Als een model eenmaal opgeknapt is, geeft dat een kick. “Als je dan zo’n miniatuur auto hebt staan en je ziet hem terug in oude films of in boeken, dan is dat wel de fun.”

Nu wordt een gedeelte van zijn collectie tentoongesteld. “Mijn auto’s passen bij de collectie van het OV&SM. Ik vind het ook leuk dat andere mensen er plezier aan beleven als ze de auto’s zien.”

Voor openingstijden en entreeprijzen van het OV&SM: zie www.ovsm-doetinchem.nl.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden