Karl Lusink vertelt over berging in Laag Keppel, woonplaats van opa Johan. Foto: Liesbeth Spaansen
Karl Lusink vertelt over berging in Laag Keppel, woonplaats van opa Johan. Foto: Liesbeth Spaansen

Het indrukwekkende verhaal achter de luchtoorlog die vijf jaar duurde

HENGELO/REGIO – In het museum van Stichting Aircraft Research Group Achterhoek (ARGA) in het buurtschap Noordink kwamen tijdens de open dagen, zaterdag 27 en zondag 28 oktober meer dan 400 bezoekers. Sinds de open dagen die de stichting organiseerde in 2013, besteedden Karl en zijn broer Han Lusink, Sander Woonings en andere vrijwilligers veel tijd om het museum te verbeteren.

Door Liesbeth Spaansen

De uitbreiding van opstellingen waar bijvoorbeeld vleugels, propellers en motorblokken liggen en nieuwe vitrines, zorgen voor een goed overzicht. Daarnaast is veel aandacht besteed aan het uitzoeken van achtergronden van de gebeurtenissen met de verschillende gecrashte vliegtuigen. Vele archieven werden doorgezocht. Bij de verschillende vitrines zijn nu beschrijvingen en foto's van bergingen te zien. Elke donderdagavond is een groep vrijwilligers hiermee aan de slag.

Karl Lusink (55) was als jongetje van een jaar of acht al geïnteresseerd in de oorlog. "Toen ik dertien was ging ik op pad om kleine voorwerpen van neergestorte vliegtuigen te bergen." Karl is een lopende encyclopedie, zoals zijn compagnons zeggen. Hij weet van alles erg veel en zoekt veel dossiers in archieven door om kennis te vergroten over alles wat er is gevonden. "Eigenlijk was het begin van de oorlog in 1940 maar een paar dagen heftig en ook het einde van de oorlog in 1945. Maar mensen realiseren zich niet dat de luchtoorlog vijf jaar heeft geduurd. Als vliegtuigen over kwamen, gingen de mensen naar de schuilkelders. Ze zagen aan de fazanten of de honden die onrustig werden, dat er vliegtuigen overkwamen. Van de kisten die zijn neergestort zijn de meeste geborgen." Zijn opa Johan Lusink uit Laag Keppel had twee wensen: het motorblok bergen van de in zijn woonplaats neergestorte Duitse Messerschmidt en contact met de piloot. "Ik ben blij dat ik deze twee wensen in vervulling heb kunnen laten gaan."

De stichting bestaat nu zo'n vijftien jaar en vooral in de eerste jaren konden veel opgravingen worden gedaan. De meeste spullen zijn inmiddels geborgen, al zijn er nog restanten in de grond waarvan de eigenaren die (nu) niet willen laten bergen. Te zien zijn vliegtuigonderdelen, vleugel- of staartstukken, motorblokken, kleine onderdelen van ramen en deuren, gasmaskers, hulzen, geschutstukken en meer. De onderzoekers hebben geborgen in onder andere Zelhem, Gelselaar, Giesbeek, Gendringen en Groessen.
Van Hengelo is heel weinig in dit museum. Omdat Arga is niet het enige museum in de regio is, zijn geborgen vliegtuigonderdelen ook te vinden bij bijvoorbeeld Museum Smedekinck in Zelhem of bij Stichting Achterhoekse Vliegtuigwrak Opgravers Groep (AVOG) in Lievelde.

De meeste bezoekers van dit weekend waren al wat ouder, zoals mevrouw Hermien Fennemann. "Wat een pröttel allemaal hé, maar prachtig dat alles zo te zien is," zegt ze, en bekijkt alle vitrines rustig en neemt de tijd alle verhalen te lezen. Anderen deden dit ook en vele herinneringen werden opgehaald met een kopje koffie.


www.arga-nl.nl

Meer berichten