Column Eva Schuurman - Animatieteam

Animatieteam

Jawel, daar gaan we weer. Of juist nog niet. Duizenden mogelijkheden in een wereldwijd web van accommodaties en bestemmingen trekken aan me voorbij. De een nog smoezeliger dan de ander. En de ander nog ongeloofwaardiger dan de een. Waar moeten we toch heen? Over welke landsgrenzen en richting welke oorden, met of zonder ontbijt? En proppen we ons eigen beddengoed straks bovenop de overvolle tassen of zijgen we neer onder dun gewassen lakens met onbekende voorgeschiedenis? Moet de auto voor die tijd nog een beurt en wat hangt daar toch zo losjes onder uitlaat?

Trots kijk ik naar de lege weken in mijn agenda, ze zijn heilig. Met een wit gezicht reis ik deze maanden door het land. Zo af en toe bouw ik een kartonnen schaduwconstructie om mijn laptop heen en verricht ik het voorwerk vanuit de tuin. Zo verschijn ik iets gezonder voor mijn gezelschappen, mijn roodverbrande schouders onder de trouwtoga verstopt maar mijn roze neus zo vrolijk als de liefde zelf. Wat zal mijn neus trots glimmen na die lege weken, denk ik blij, mits we voor die tijd natuurlijk een zonnig reisdoel vinden kunnen.

Rekening houdend met kilometers, budget, kinderwensen, chloorwater, Wi-Fi, uitvalswegen, ventilatie, rust, temperatuur, cultuur en het-zoveel-mogelijk-vermijden-van-de-eigen-nationaliteit blijven er maar weinig geschikte plekjes over binnen de gekozen streek. Maar als we opnieuw een regio kiezen lijken de talloze opties ineens totaal niet meer te overzien.

En dan herinner ik mij hoe dit proces zich vorig jaar exact zo voltrok, ik bijna de badhanddoek in de ring wilde gooien en afstevende op lege weken met volle wasmanden en aanrechten. In een ons wel al te bekend huisje. Waar mijn dichte laptop dan stiekem naar me lispelen zou: "Ik sta hier vakantiemensje, kom maar eens kijken of ik het nog doe."

Wat ben ik toch stront jaloers op die mensen die al jaren naar datzelfde plekje gaan. Waar ze blind met hun wc-rollen het poepgebouwtje weten te vinden, zand nog tussen de slippers kraakt en ze schuifelen over natte tegels die verraderlijk glad kunnen zijn. Ze kennen iedereen op het veldje, maken een praatje over "weet je nog van toen die keer" en dan wuiven ze in het voorbijgaan tegelijk naar de kindjes die er tien jaar geleden nog niet waren.

's Avonds nestelen ze zich samen met de insecten bij de tent van de buren en komt er alcohol in blikjes uit de koelbox. En met de condens-druppels op de buitenkant van die blikjes stellen ze dan vervolgens de eerste muggenjeuk gerust. Ja, dat lijkt me echt ontzettend gezellig.

Op de bulten, de verzengde ochtendhitte, het luchtbed, de pannetjes op de gasfles, de wespen bij de prullenbak, steeds dezelfde lijven aan het zwembad en het animatieteam na. Oh, ik heb het wel eens gedaan hoor vroeger. En toen had mijn alleenstaande moeder het inderdaad één dronken avond heel gezellig met de buurman. Dat wel.

Ik ga denk ik nog even in overleg met mijn eigen animatieteam. Wacht u even? (…) "We willen naar een pretpark mam." Kak, dan ga ik nog liever kamperen..


Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden