
Korporaal Harry Repay van het verkenningspeloton van het South Saskatchewan Regiment bezoekt een Nederlands gezin in hun huis nabij Nijmegen, Nederland, 8 december 1944. Foto: Canada. Dept. of National Defence / Library and Archives Canada
Lichtjes worden op oorlogsgraven en -monumenten geplaatst
Maatschappij‘Met Kerstmis ben ik thuis’
BRONCKHORST – ‘I’ll be home for Christmas’ wordt gezongen, maar voor hen die niet terug kwamen met kerst, en die vochten voor onze vrijheid worden elk jaar op kerstavond kaarsjes geplaatst op oorlogsgraven en oorlogsmonumenten.
In meer dan 350 plaatsen in Nederland branden meer dan 2400 kaarsjes op oorlogsgraven en op 136 monumenten.
Toen in 2015 deze actie van start ging had de organisatie 150 plaatsen waar kaarsjes werden geplaatst. De Nederlandse kaart bevatte toen enkele oranje vlekjes, nu kleurt Nederland bijna helemaal Oranje.
Voor hen die niet thuiskwamen met kerst: ‘We will remember them’.
Canadezen in Nijmegen
Na de Slag om de Schelde bereidde het Eerste Canadese Leger zich voor op de winter. Drie maanden lang, tussen 8 november 1944 en 8 februari 1945, waren Canadezen niet betrokken bij grootschalige operaties.
Rust was meer dan welkom. De derde Infanteriedivisie en de tweede Pantserbrigade vochten al sinds begin juni, andere eenheden sinds juli.
Tijdens deze welverdiende rust deed het Canadese leger een bewuste poging om het moreel van zijn soldaten op te krikken, vooral die in gevechtseenheden. Infanterie- en pantsersoldaten roteerden uit de linie bij Nijmegen.
De kleine Nederlandse stad werd een Canadese stad, met Canadese troepen ingekwartierd bij lokale burgers in het gebied. In ruil daarvoor deelden de Canadezen rantsoenen met hun gastheren.
In december begonnen de troepen extra voorraden te ontvangen van ‘bakpoeder, bloem, gedroogde eieren, augurken of sauzen, rijst en havermout, kaas en jam’ om hun gebruikelijke dieet aan te vullen.
Verlof was ook beschikbaar in verschillende vormen. Er waren passen voor 48 uur, waardoor de troepen genoeg tijd hadden om Franse, Belgische en Nederlandse steden te bezoeken. Nijmegen was de thuisbasis van de Canada Club, waar Canadese militairen konden eten en drinken, een show konden zien of konden dansen met legerverpleegsters. Ernaast was de Blue Diamond, het ‘grootste hamburgerimperium’ van Noordwest-Europa. Ingelijfde mannen en verpleegsters aten ‘rundvleeshamburgers bedekt met uien, knapperige bruine donuts, licht als een veertje, knapperige taart, dikke gebakken bonen ... en koffie . . Allemaal gratis!’
Na Kerstmis konden Canadese troepen met een weekpas terugreizen naar Engeland. Het Canadese leger had bijna vijf jaar in Groot-Brittannië doorgebracht, dus veel van de mannen hadden sterke banden. Ze bezochten de Engelse families waar ze tijdens hun training waren ingekwartierd. Ze herenigden zich met geliefden, echtgenotes of zelfs kinderen (sommigen ontmoetten hun zonen of dochters voor het eerst). Anderen bezochten familie die nog in Groot-Brittannië woonde.
Troepen die in Italië dienden, werden opgenomen in het 30-dagen thuisverlofprogramma. Soldaat Lyle Enright, een koerier van het 1st Anti-Tank Regiment, 1st Canadian Infantry Division, begroet zijn vrouw bij terugkeer uit het buitenland voor Kerstmis.
Een selecte groep kreeg 30 dagen verlof naar Canada. Vierhonderdvijftig soldaten met vijf jaar overzeese dienst kwamen net op tijd voor Kerstmis in Canada aan. Nadat ze in Montreal als helden waren ontvangen, verspreidden de mannen zich per trein naar bestemmingen in het hele land. Geliefden begroetten hun aankomst met warme omhelzingen te midden van de koude Canadese winter.
Ondertussen ging de oorlog door. Canadese soldaten bleven sterven: 68 officieren en 1.171 andere rangen verloren hun leven tussen 9 november en 31 december. Toch maakten de Canadese soldaten gebruik van deze regeneratieperiode om zich te wapenen voor de laatste gevechten om de oorlog te beëindigen.
Bron: Canada. Dept. of National Defence / Library and Archives Canada.


