Afbeelding

Een gewone Hollandse zomer

Op de hete dag volgde een hele warme.
Ik nam een hete douche, volgens de Wim Hofs-methode.

Als je de warmte wilt verdragen dan moet je je lichaam verhitten, zoiets.
We leefden met thermostaten.

Fotografeerden de standen en zetten de foto’s op twitter.
Ik had mijn zolderverdieping verduisterd, een yogamat voor een van de ramen geklemd.

Het hielp, een tijdje.
Binnen liep de temperatuur op, parallel aan de buitentemperatuur, maar met tien graden verschil.
De ventilator bewoog, op zijn hoogste stand, stijf van links naar rechts.
Af en toe keek ik door een kier in het gordijn naar beneden, naar de hete markt met zijn lege terrassen.

Ik was een tijd lang gelukkig.
Maar tegen de avond was het verschil tussen binnen en buiten steeds kleiner geworden.

Onder het dak was het 28 graden, daarbuiten nog 30.
De zon ging onder, maar het openzetten van ramen en balkondeuren haalde weinig uit, de warmte was overal.
Het voelde als een zuurstoftekort.

Misschien was het de smog.
We zuchten onder de hitte.
Maar de hitte week.
Nu is het nog ‘gewoon’ zomer.
Maar een hele droge.
Niet alleen in Zutphen, niet alleen in de Achterhoek, niet alleen in Nederland, maar in heel Europa.

De rivieren zeggen het.
Hun peil zakt al weken gestaag.

Rijkswaterstaat begint aan kranen te draaien.
Ik sta aan de kade en zie beneden mij de IJssel. Er ligt een schip aangemeerd dat ik pas zie als ik dichterbij de kaderand kom.
De rivieroever aan de overkant ontbloot steeds meer steen.
De jachthaven is niet meer bereikbaar.
Ik volg de rivier in zuidelijke richting. Zo vermagerd is ze dat haar ribbenkast te zien is. Kribben, naakter dan ik ooit zag.

Men heeft de stuwen van de Berkel gesloten.

Dat is om te voorkomen dat de IJssel doet wat de IJssel doet: water naar de zee - in dit geval het IJsselmeer - dragen. En om water vast te houden voor het achterland.
Ik zie kinderen spelen in het geultje van wat voorheen een monding van de Berkel was.

Een fraai beeld; je kunt je in Bangladesh wanen, dat ik ken van een paar reizen. Het licht, de brede rivierbedding, honden spelend in het lage water, de glanzende kinderen in het laatste zonlicht.
Het is een delicate balans.

Er moet ook gevaren kunnen worden.
En dus gaan de stuwen na een paar dagen weer een klein beetje open.
Nog zijn geen records gebroken.
Maar de verwachtingen voor augustus zijn somber.

Branden laaien op.
Eerst in Spanje, Portugal en Frankrijk.

Later in Griekenland en het zuiden van Duitsland.
Bij de Cote d’ Azur is het zeewater dertig graden.
En het brandt in Californië. En in China.
Zulke opsommingen voeden de gedachten aan een klimaatramp.
Maar wij bevinden ons in een gewone, Hollandse zomer.
De weekverwachting: af en toe een beetje regen, maar ook zon en rond de 25 graden.

Heerlijk.
Maar de rivieren zeggen iets anders.
En hun stemmen hebben gewicht.