De klus is geklaard. Met ‘Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht’ eert Bronkhorstenaar Joop Holthausen opnieuw een groot wielrenner. Foto: Eric Klop
De klus is geklaard. Met ‘Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht’ eert Bronkhorstenaar Joop Holthausen opnieuw een groot wielrenner. Foto: Eric Klop

Van Woutje Wagtmans tot Hennie Kuiper

Joop Holthausen belicht in nieuw boek kampioen met wilskracht

Door Eric Klop

BRONKHORST - Hij werd zowel Olympisch- als wereldkampioen. Won als dertiger achtereenvolgens de Ronde van Vlaanderen, Ronde van Lombardije, Parijs-Roubaix en Milaan-San Remo. Sleepte tot twee keer toe de tweede plaats in het eindklassement van de Tour de France in de wacht. Van wielrenner Hennie Kuiper verscheen begin deze maand de ultieme biografie. Auteur is Joop Holthausen uit het stadje Bronkhorst, die daarmee naar eigen zeggen zijn laatste kunstje als sportboekenschrijver heeft volbracht. "Maar zeg nooit nooit."

'Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht' heet het 432 pagina's tellende 'koffietafelboek' waarin tekst en bovenal fotomateriaal diens wielercarrière in beeld brengen. Van hoe hij in het Twentse Denekamp tot wasdom kwam als mens en sportman, tot de wijze waarop hij in 1985 als 36-jarige Milaan-San Remo aan zijn zegekar bond. Vreugde, maar ook verdriet komt aan bod. Want 'Kuipertje' werd niet zelden achtervolgd door pech. Zijn enorme wilskracht overwon echter veelal het noodlot, met een prachtig palmares als resultaat.
"Kuiper was tijdens zijn zestien jaar omvattende wielerloopbaan ongekend populair", weet Joop Holthausen. "Door zijn wilskracht en aanvalslust. Maar ook zijn vriendelijkheid en bescheiden karakter zorgden dat hij bij de wielerfan niet kapot kon. Destijds veel meer nog dan Joop Zoetemelk, eveneens een aardige vent maar wel met een imago dat hem als afwachtende wieltjesplakker duidde. Hennie Kuiper, een klein, gedrongen ventje dat ook nog eens hakkelde, had iets vertederends. Maar in de koers de aanval nooit schuwde. Of hij, wanneer hij zich wat meer had laten gelden en meer leiderschap had getoond, de Tour had kunnen winnen? Geen idee. Hij heeft nu eenmaal dat karakter", aldus Holthausen.

Secondenwerk
Misschien wel juist die bescheidenheid was er de oorzaak van dat Kuiper in 1977 dé kans miste om de Ronde van Frankrijk op zijn naam te schrijven, zo blijkt uit het zojuist verschenen boek. Ploegleider Peter Post koos onvoorwaardelijk voor het Duitse 'wonderkind' Didi Thurau als kopman van het Raleigh-team, ook toen die aan de voet van de Alpen al vele minuten achter stond op zijn in bloedvorm verkerende ploegmaat. Maar het was niet alleen dit waardoor Kuiper bleef steken op de tweede plaats in de eindrangschikking. Holthausen: "Al in de eerste etappe, een vlakke rit van Fleurance naar Auch, verloor hij vijftien seconden op de favorieten. Hij bleef te veel achterin het peloton hangen, waardoor enkele kilometers voor de finish een valpartij hem de weg versperde. Kuiper maalde niet om het verlies van een paar tellen. In de bergen ging het om vele minuten. Maar juist die vijftien seconden braken hem op aan de eindstreep van de door hem gewonnen rit naar Alpe d'Huez. Directe concurrent Bernard Thévenet hield voor het geel acht seconden over. Kuiper wist die achterstand in de laatste tijdrit niet meer goed te maken. Had hij in de beslissende rit tegen de klok maar ná Thévenet kunnen starten. In de gele trui, die een renner extra vleugels geeft. Ja, naderhand werd Tourwinnaar Thévenet beticht van dopinggebruik. Niet door Kuiper trouwens. Terecht! De Fransman gaf anderhalf jaar later na een aantal mysterieuze kwaaltjes aan dat hij bepaalde middelen had gebruikt. Die bleken toen echter nog niet op de dopinglijst te staan…"

Tijdens een achttal lange gesprekken passeerden alle hoogte- en dieptepunten van Kuipers wielerloopbaan de revue. Dat Joop Holthausen na diepgravende en luxe uitgegeven biografieën over onder meer Fedor den Hertog en Joop Zoetemelk en het in 2006 met de Nico Scheepmakerprijs voor het beste sportboek bekroonde standaardwerk over de Raleighploeg van Peter Post nu leven en werk van Hennie Kuiper bij de hoorns heeft gevat, noemt hij toeval. "Een uitgever belde mij begin 2016 met het verzoek om met het oog op de Olympische spelen in Rio de Janeiro een boek over Dafne Schippers te schrijven. Dat heb ik geweigerd; ik ken haar niet echt. Men wilde echter toch met mij in zee. 'Een wielerboek dan? Je mag zelf kiezen over wie'. Ik besloot Hennie Kuiper te polsen. Over hem was nooit een groots boek verschenen. Hij stemde toe, mits dat in beheer van zijn zoon Bjorn zou worden uitgegeven. Daar ben ik mee akkoord gegaan, temeer omdat Bjorn Kuiper toegang gaf tot nooit eerder openbaar gemaakt beeldmateriaal uit het familiearchief. Samen met soms evenzeer unieke opnamen van topfotografen als Cor Vos, Tonny Strouken en Berry Stokvis leverde dat een schat aan foto's op. Collega Jacob Bergsma, die ook de eindredactie van het boek voor zijn rekening nam, had aan de selectie een gigantische klus."

München of de Tour
Joop Holthausen maakte als sportjournalist van de dagbladen Trouw, De Tijd en Het Parool een groot deel van Kuipers carrière van zeer nabij mee. Hij was erbij toen de Tukker in 1975 in het Waalse Yvoir na een solo van bijna dertig kilometer de Regenboogtrui veroverde en beschreef uit eigen waarneming diens nimmer versagende vechtlust op de flanken van de Alpen- en Pyreneeëncols. Bij het eerste grote succes van Kuiper ontbrak de journalist echter. "Ik koos in 1972 voor de Tour. Als ik tevoren van de Palestijnse aanslag had geweten, was ik voor de krant naar München gegaan."
'Erbij zijn' luidde het credo van Holthausens journalistieke loopbaan. Al op zijn negende wist de geboren Zutphenees zeker dat het die kant op zou gaan. "Tijdens de Tour van 1954. In de keuken van mijn ouderlijk huis aan de Schupstoel las ik het verslag van de eerste etappe. Van Amsterdam naar het Vlaamse Brasschaat, gewonnen door Wout Wagtmans. Ik vroeg mijn moeder wat dat toch voor mensen zijn die dat allemaal opschrijven. 'Journalisten', antwoordde ze. Dat wilde ik ook, hetgeen geschiedde. Met een passie die mij nooit meer heeft verlaten." Holthausen begon bij het Zutphens Dagblad en kwam vervolgens via het ANP bij Trouw terecht. "In 1971 was ik de eerste journalist die door deze krant naar de Tour werd gestuurd. Voorheen legde dit christelijk dagblad zich hoofdzakelijk toe op zaterdagsport."
Vele Tours volgden, evenals Olympische Zomer- en Winterspelen. Inmiddels in dienst van Het Parool maakte Holthausen medio jaren tachtig de overstap naar de algemene journalistiek. Bezocht Afrika en Azië voor sociaaleconomische reportages. Deed verslag van de val van de Berlijnse muur en de gevolgen die het optrekken van het IJzeren Gordijn had voor Oost-Europa. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Eind negentiger jaren keerde hij terug op de sportredactie en ging nog drie keer naar de Tour. "De romantiek bleek eraf. In mijn eerste periode was je tijdens de koers letterlijk dicht bij de renners. En ook na afloop. Kon gewoon het rennershotel binnen. Klopte op de kamerdeur van Merckx. Kwam ie een kwartier later naar beneden voor een paar exclusieve quotes. Nu is dat totaal anders. De Tour is té groot voor direct contact. Er zijn nu strenge regels, vooral in gang gezet door Lance Armstrong. Daarnaast is er een veel grotere rol voor de tv weggelegd. Dat heeft zeker z'n voordelen, maar de schrijvende pers sluit tegenwoordig de rij. Daar knapte ik in mijn tweede periode als Tourvolger al op af."
Begin deze eeuw kwam er een voortijdig einde aan zijn journalistieke loopbaan. "Mijn vrouw werd ernstig ziek. Via een regeling stopte ik bij de krant om haar mantelzorg te verlenen. Dat vond ik heel erg, maar ik kon niet anders. Wilma overleed in 2006. In Bronkhorst, waar we als man en vrouw van de streek vanuit Voorthuizen waren neergestreken." De sport liet hem echter niet los. Zijn enorme kennis van de wielrennerij, waarin hij in zijn jonge jaren ook zelf op verdienstelijke wijze actief was, leverde een aantal kloeke boeken op. 'Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht' lijkt de laatste. "Einde verhaal, wat de sport betreft", zegt Joop Holthausen. "Niettemin, als Jan Raas morgen op de stoep staat, denk ik daar misschien toch anders over…"

Persoonlijk gesigneerd
'Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht' is à 49,95 euro te bestellen via www.kampioenwilskracht.nl. Wie drie tientjes meer betaalt ontvangt een extra luxe, door Kuiper persoonlijk gesigneerde editie in cassette met reproducties van documenten uit zijn loopbaan, waaronder zijn Olympisch diploma uit 1972 en z'n eerste profcontract. Daarnaast wordt het exemplaar op naam gesteld. Het lijvige boekwerk zonder extraatjes is ook te koop bij bol.com.

Paniek in de afdaling
"Voor journalisten is het volgen van de Ronde van Frankrijk fysiek best zwaar", spreekt Joop Holthausen uit eigen ervaring. En vereist soms halsbrekende toeren. Bijvoorbeeld in de editie van 1975, waarin Hennie Kuiper debuteerde met een elfde plaats in het eindklassement. En de voorheen schier onverslaanbare Eddy Merckx voor de eerste keer in de Tour een nederlaag kreeg te verduren. Het gebeurde tijdens de zware Alpenetappe van Nice naar het skioord Pra-Loup. Holthausen: "Toentertijd deelde ik een volgwagen met mijn collega's Peter Ouwerkerk van Het Vrije Volk en Frans van Schoonderwalt namens de Volkskrant. Die dag reed ik. In de voorlaatste beklimming raakte Merckx achterop bij de ontsnapte Bernard Thévenet. Wij zaten als laatste in een pelotonnetje volgauto's dat vooruit reed. Dat kon destijds nog. Vlak onder de top hield net voor ons de wagen van de Belgische krant Het Laatste Nieuws halt. Daarin zat Lucien Acou, de schoonvader van Eddy Merckx. Die wilde weten waar zijn schoonzoon toch bleef. Op het smalle bergweggetje was het voor ons onmogelijk te passeren. Daar stonden we, terwijl in de klim de eerste renners naderden. Uiteindelijk konden we verder en gingen kort daarna de al even smalle afdaling in. Maar met de coureurs steeds dichter op de hielen, want zij gaan bergaf sneller dan de volgwagens. Ik kon geen kant op om hen voorbij te laten gaan. Links de rotswand, rechts het ravijn. Met al m'n stuurmanskunst snelden we voort. Na een scherpe bocht doemde een uitsparing in de rotsen op, waar een groepje mensen stond. Luid toeterend reed ik op ze af en wist net op tijd, met slippende banden, de auto tot stilstand te brengen. Amper een seconde later raasden Thévenet en Merckx voorbij…"

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden